Landzoogdieren:
Kleine panda

Bron foto: www.vriendenvanblijdorp.nl

De kleine panda is zonder staart gemeten 35 tot 40 centimeter lang. De staart heeft ook ongeveer die lengte. Deze panda's hebben een dikke, roodbruine vacht met witte en zwarte vlekken die ze goed tegen de kou beschermt. Ze kunnen hierdoor wel slecht tegen de warmte van de zon. Het is dan ook een schemerdier. De kleine panda is een goede klimmer en brengt zijn tijd vooral door in bomen. Zijn poten zijn breed en hebben nagels die ze gebruiken bij het klimmen. Onder de voetzolen zitten haren waardoor ze minder snel uitglijden op natte takken. Ook beschermt die vacht onder de poten deze tegen de kou. Als een kleine panda loopt, loopt hij met een kromme rug en zijn staart in de lucht.

Kleine panda's komen in het Hymalaya gebergte in AziŽ voor, op hoogtes van 2000 tot 4800 meter. Ze leven daar in bamboebossen. Overdag slapen ze meestal in de bomen. Ze liggen dan helemaal opgerold en gebruiken hun staart als kussen of deken. In de winter zijn panda's soms ook overdag actief omdat de zon dan niet zo warm is.

De kleine panda heeft net als de reuzenpanda het gebit van een vleeseter. Toch eet hij vooral plantaardig voedsel: bamboegras, plantenwortels en vruchten. Soms eten ze ook wel jonge vogels, knaagdieren, eieren en honing. Ze drinken door het water van hun poten af te likken of op te slurpen.

Kleine panda's leven meestal alleen, met uitzondering van de paartijd. Ze hebben een eigen territorium. Het gebied van een mannetje is groter dan dat van een vrouwtje. In het territorium van een mannetje zitten dan ook gebieden van verschillende vrouwtjes. Kleine panda's communiceren met elkaar door het maken van geluiden. Ze fluiten, piepen, tjilpen, proesten en blazen.

Een vrouwtje dat drachtig is maakt een nest van takken, bladeren en gras in een (holle) boom. Hierin worden de jongen geboren. Ze zijn ongeveer 15 centimeter lang en wegen 100 tot 150 gram. De ogen en oren zitten nog dicht. Deze gaan pas na drie weken open.

De eerste dagen na de bevalling blijft een moeder bij haar jongen. Later gaat ze weg om voedsel te zoeken en komt dan terug om haar jongen te verzorgen. Na ongeveer twee en een halve maand gaan ze voor het eerst met hun moeder mee het nest uit. Als een jong zijn moeder kwijtraakt, maakt hij een blatend geluid. Zo kan zijn moeder hem weer vinden. Een moeder draagt het jong dan in haar bek naar het nest terug. Na een jaar drinkt het jong geen moedermelk meer en kan het voor zichzelf zorgen. Het verlaat zijn moeder dan om zelf een gebied te veroveren.

De kleine panda is net als de reuzenpanda een bedreigde diersoort. Men denkt dat er nog minder dan 2.500 in het wild leven. De grootste bedreiging vormt het kappen van bossen in de dalen waardoor er alleen nog kleine eilandjes overblijven waar ze kunnen leven. Ook worden er dieren gedood om hun vacht en gevangen om te verkopen als huisdier.




Heb je hier niet kunnen vinden wat je zocht of heb je na het lezen van de informatie nog vragen?
Stel je vraag gerust op het het forum!

Wetenschappelijke naam:
Ailurus fulgens
Verspreidingsgebied:
Van Nepal tot Westelijk China
Voedsel:
Bamboe, fruit, zaden en kleine dieren
Lengte:
50 - 64 cm; staart: 28 - 50 cm
Gewicht:
3 - 6 kg
Leeftijd:
Tot 14 jaar
Status:
Bedreigd

Advertentie