Landzoogdieren:
Bennettwallabie

Bron foto: www.keimo.de

Een Bennettwallabie is een stuk kleiner dan een kangoeroe. Een volwassen dier is ongeveer zestig centimeter lang. Hun staart kan bereikt een lengte van ongeveer 50 cm. De mannetjes kunnen wel zo'n twintig kilo wegen. De vrouwtjes daarentegen zijn een stuk kleiner en wegen gemiddeld slechts twaalf kilo. De vacht van de Bennettwallabie is bruingrijs van kleur met roodbruine plekken op de nek en schouders.

Wallabies hebben gespierde achterpoten, die veel groter zijn dan hun voorpoten. Ook de staart is erg gespierd. Ze gebruiken deze om hun evenwicht te bewaren tijdens het springen. Daarnaast sturen ze met behulp van die staart. Wallabies staan wel eens op hun achterpoten en maken zich dan zo groot mogelijk. Ze leunen dan op de staart.

Bennettwallabies kunnen sprongen maken van wel negen meter ver. In de hoogte komen ze echter niet veel hoger dan een halve meter. Bij het springen gebruiken ze hun voorpoten niet. Als ze gras eten, bewegen zij zich heel langzaam voort. Hierbij steunen ze eerst op hun staart en korte voorpoten. Daarna brengen ze pas hun achterpoten naar voren. Hierna volgt dan zo'n volgende stap.

De Bennettwallabie komt voor aan de zuidkust van AustraliŽ en op TasmaniŽ. Het is op al deze plaatsen erg warm. Als een wallabie het warm heeft, likt hij de polsen van zijn voorpoten. Wanneer de wind dan over zijn polsen waait, koelt hij een beetje af.

Deze soort wallabie leeft in gebieden met veel begroeiing waarin hij zich kan verschuilen. Overdag slapen de wallabies in het struikgewas. Van 's avonds laat tot 's morgens vroeg zijn ze op open plekken in het bos of op de savannes. Hier zoeken ze dan naar voedsel. Ze zijn dus vooral 's nachts actief.

De Bennettwallabie is een herbivoor. Hij eet voornamelijk gras, maar ook wel jonge takjes van bomen of struiken. Wallabies kunnen over het algemeen best lang zonder water. Sommige soorten graven een gat in de grond om bij water te komen. Of ze eten sappige wortels van bomen om voldoende vocht binnen te krijgen.

Bennettwallabies leven meestal alleen. Alleen in gebieden waar veel voedsel te vinden is, leven ze ook wel in groepjes. Meestal zijn dat dan moeders met hun jongen. Bennettwallabies krijgen meestal maar ťťn jong, soms twee- of drieling. Er zijn verschillen tussen de dieren die in AustraliŽ leven en op TasmaniŽ. In AustraliŽ worden het hele jaar door jongen geboren. Op TasmaniŽ komen de jongen ter wereld in de periode van februari tot en met juli.

Na de geboorte is een wallabie ongeveer zo groot als een tuinboon. Het jong weegt nog geen gram, heeft nog geen haren en de ogen en oren zijn nog niet ontwikkeld. De voorpoten zijn wel al goed ontwikkeld. Deze gebruikt het om, na de geboorte, in de buidel van de moeder te klimmen. Daar zuigt het jong zich vast aan ťťn van de vier tepels.

Het jong groeit en ontwikkelt zich ruim zeven maanden lang in de buidel. Pas hierna gaat het er af en toe uit, maar kruipt hij bij het minste of geringste terug in die buidel. Tot het jong ongeveer tien maanden oud is blijft hij in en uit gaan. Na deze periode zal het jong het zonder de veiligheid van de buidel moeten doen, simpelweg omdat hij er niet meer in past.




Heb je hier niet kunnen vinden wat je zocht of heb je na het lezen van de informatie nog vragen?
Stel je vraag gerust op het het forum!

Wetenschappelijke naam:
Wallabia rufogrisea
Verspreidingsgebied:
AustraliŽ en TasmaniŽ
Voedsel:
Gras, wortels van vetplanten en bladeren.
Lengte:
ca 80 cm, staart: 70 cm.
Gewicht:
10 - 25 kg.
Status:
Algemeen

Advertentie