Natuur:
De Veluwse heide

Fotograaf: Ivan de Bree, © www.hetdierenrijk.nl

Het landschap
Vroeger speelde de heide een belangrijke rol in de landbouw op de Veluwe. Overdag lieten de boeren hun schapen op de heide lopen, terwijl ze 's nachts in de stal stonden. Om te voorkomen dat kostbare mest verloren ging werden op de stalvloer heideplaggen gelegd, de schapen trapten de mest en urine in de plaggen waardoor een vruchtbare massa ontstond. In het voorjaar werd deze massa over de akkers verspreid.

Het plaggen en beweiden leidde er tot dat heidevelden kaal werden en er zandverstuivingen ontstonden. Vervolgens werden bossen gekapt om nieuwe heidevelden te kunnen laten groeien. Halverwege de 19e eeuw stapten de boeren over op modernere technieken en was de heide niet langer noodzakelijk voor de landbouw. Om het stuifzand terug te dringen werden grote delen van de ontgonnen bossen opnieuw aangeplant.

De heidevelden die over zijn gebleven worden tegenwoordig intensief beheerd. Dit is noodzakelijk omdat zonder ingrijpen grassen en bomen zoals de berk zullen overwoekeren en het heide gebied zo binnen enkele tientallen jaren zal veranderen in bos. Verschillende schaapskuddes begrazen de heidegebieden om dit dichtgroeien te voorkomen.

Maar alleen het begrazen is niet genoeg. Heide groeit alleen op voedselarme grond en met regen komt veel stikstof naar beneden. Doordat dit werkt als mest gaan grassen beter groeien en de heide slechter. Om deze vermesting tegen te gaan moet de heide iedere acht jaar worden gemaaid zodat voeding die is opgeslagen in de planten wordt verwijderd. Daarnaast moet iedere 40 jaar de bovenlaag van de grond worden afgevoerd en iedere 100 jaar moet de heide geheel worden afgestoken. Het beheer van de heidevelden is dus niet gemakkelijk, maar je moet er wat over hebben om in augustus te kunnen genieten van het uitzicht op een bloeiende vlakte.

Op de Veluwe vindt men drie soorten heide, de meest voorkomende is struikheide dat voornamelijk op de droge plaatsen groeit. Op de wat vochtigere plaatsen groeit dopheide. In het noorden komt ook nog wat kraaiheide voor. Het pijpenstrootje is de meest voorkomende grassoort. Het is gemakkelijk te herkennen omdat het een meter hoog kan worden en in bossen groeit. Wanneer het een tijd droog is geweest kleurt het gras gelig en kan de heide er uit zien als een savanne.

Dieren op de heide
Naast de schapen van de schaapskuddes, de zogenaamde heideschapen, komen er op de Veluwe ook nog wilde schapen voor, moeflons genaamd. Deze zijn in het begin van de 20e eeuw vanuit Corsica en SardiniŽ naar de Veluwe gebracht. Het zijn echte kuddedieren, met name in het Nat. Park de Hoge Veluwe komen kuddes voor.

Op de heide voelen slangen zich erg thuis, deze koudbloedige dieren hebben zon nodig om op te warmen en geven daarom de voorkeur aan open terrein. Omdat ook beschutting gewenst is zijn ze vooral te vinden aan bosranden en bij struiken in het landschap. De bekendste slang die op de Veluwe voorkomt is de adder, een giftige slang die een lengte van ongeveer 75 centimeter kan bereiken. Het is een schuw dier dat je daardoor niet snel zult tegenkomen. Ook is de hazelworm op de Veluwse heidevelden te vinden. Deze levendbarende en pootloze hagedis wordt iets meer dan 40 centimeter lang en is niet giftig.

Naast deze wat grotere dieren biedt de heide ook een rijkdom aan insecten. Als in augustus de heide bloeit zult u verschillende soorten bijen en hommels in grote aantallen af en aan zien vliegen. De aanwezigheid van hommels wordt ook verraden door een klein gaatje aan de zijkant van de bloemetjes, omdat een hommel een te dik lijf heeft kan hij niet in het bloemetje kruipen en maakt daarom een gaatje om toch bij de nectar te kunnen.

Ook het heidehaantje komt wel eens voor op de Veluwse heidevelden, hoewel dit kevertje slechts een halve centimeter groot is is zijn aanwezigheid al van afstand op te merken. Het diertje overwinterd tussen plantenresten op de grond en ontwaakt in april. De larven eten de groene blaadjes en jonge takjes van de struikheide waardoor deze er bruin en dor uit gaat zien. De enige manier om dit diertje te bestrijden is het afbranden van de heide.

Een belangrijke heidebewoner is de sprinkhaan, door grassen te eten helpt dit insect mee aan het behoud van de heidevelden. Tot slot komen er ook nog diverse vlindersoorten voor, met als belangrijkste de heidevlinder.

Ook voor vele vogelsoorten vormt de hei de natuurlijke leefomgeving. De belangrijkste vogels zijn de veldleeuwerik, de tapuit, de nachtzwaluw en de koekoek. De leeuwerik is vooral 's zomers op de Veluwe te vinden, als het kouder wordt trekt hij naar warmere streken. Ook de koekoek laat zich alleen in de zomerperiode zien, hoewel hij zich begin augustus al weer opmaakt voor de lange reis naar het zuiden.

Oorspronkelijk kwam ook de korhoen in grote getalen voor op de uitgestrekte velden van de Veluwe. Helaas komt deze vogel hier nu niet meer voor omdat hij een groot en ongestoord gebied nodig heeft om te overleven. In Overijssel en Drenthe komt deze vogel die vooral bekend staat om zijn indrukwekkende baltsgedrag nog wel op enkele plaatsen voor.

 

 
Antarctica
Het regenwoud
Algemeen
Bedreigingen
Dieren
Functies
Flora
De Veluwe
Bos
Heide
Kaart vd Veluwe
Wildcam
Zandverstuiving
 

Contact
Disclaimer
© Copyright

Steun het protest tegen natuurwet Bleker