Vogels:
Wintertaling

Fotograaf: Rhion Pritchard

De wintertaling is de kleinste Europese eend. De kop van de woerd (het mannetje) is kastanjebruin met een groene oogvlek. In vlucht valt de zwart met groene vleugelspiegel (vlek onderaan de vleugels) op en bij de woerd vooral de zwart met gele anaalstreek. In bepaalde tijden van het jaar is bij de woerd de spiegel niet aanwezig. Hij heeft in verhouding een vrij grote kop, die aan de achterkant licht uitbollend is. Verder heeft hij een smalle snavel en korte donkergrijze poten. Hij loopt langzaam, maar makkelijk. Bij het zwemmen ligt hij hoog op het water.

De wintertaling stelt aan zijn leefgebied de eis dat er zoetwater aanwezig is, verder is hij niet kieskeurig, hij komt voor in vegetatierijke zoetwatergebieden, voedselarme vennen, duinmeren, kleiputten en stuwmeren.

In ondiep water voeden ze zich door met een 'knabbelende' snavelbeweging kleine zaden en water- of moerasplanten te eten. In dieper water grondelen ze.

Wintertalingen vliegen in onregelmatige, dichte zwermen en maken voortdurend onverwachte wendingen. Ze stijgen en dalen zonder ophouden en tonen om beurten hun lichte onderkant en donkere bovenkant. Ze vliegen erg snel en door hun vlugge vleugelslagen lijkt het alsof ze haast hebben. Het zijn ook erg nerveuze eenden die bij onraad loodrecht de lucht in gaan. Vaak zijn ze 's nachts actief en daarbij erg luidruchtig. Hun geluid is karakteristiek en onmiskenbaar: een evocatief geluid van winter in het moerasland.

Wintertalingen zijn het gehele jaar bij ons te zien, maar van augustus tot april is het een algemene doortrekker en wintergast; de soort verzamelt zich dan in enorme aantallen op onze wateren.

Bij de paringsdans en het baltsvertoon houdt het mannetje op voor de soort karakteristieke wijze zijn kop en staart omhoog. Het nest wordt gebouwd van plantendelen en donsveren, het ligt zo goed mogelijk verstopt tussen planten. Het wijfje legt 8 Ó 10 roomkleurige eieren en bebroedt deze alleen. Na ongeveer 3 weken komen ze uit. De wantrouwige woerd bezoekt het nest nooit en de eend vertoont afleidend gedrag als men het nest nadert. De jongen zwemmen zelden in open water. Na circa 25 dagen kunnen de jongen vliegen.




Heb je hier niet kunnen vinden wat je zocht of heb je na het lezen van de informatie nog vragen?
Stel je vraag gerust op het het forum!

Wetenschappelijke naam:
Anas crecca / Anas carolinensis
Verspreidingsgebied:
Voorn. Europa en N-AziŰ
Voedsel:
Zaden, waterplanten, slakken, insectenlarven, waterkevers, garnaaltjes en wormen.
Lengte:
34 - 38 cm.
Status:
Algemeen

Advertentie